home >>> over afdeling 17 >>> jaarverslag over 2007
 
   
Jaarverslag over 2007  
   

BESTUURDERS AWN-17 IN 2007

 
   

voorzitter
dhr. J.G.M. Verhagen (Jan)

 
   

vice-voorzitter
dhr W. Schennink (Wim)

 
   

secretaris
dhr. B. Clabbers (Ben)

 
   

penningmeester
dhr. M.J. Houkes (Rinus)

 
   

veldwerkcoördinator
dhr D. Beyer  (Dénes)

 
   

bestuurslid vacant

 
   

redactie
PR en tentoonstellingen:
dhr. F.G.H. Veldt (Frank)

 
   

fotografie
dhr. D. Mittendorp (Diederik)
 

 
   
   

VELDWERKCOÖRDINATIETEAM

dhr. D. Beyer (Dénes)
(veldwerkcoördinator)

ing. W.C. Angenent
(Wageningen e.o.)

dhr. B.A.F.M. Clabbers
(Arnhem e.o.)

dhr. M.J. Houkes
(Arnhem buitengebied)

drs. J.G.M. Verhagen
(Zevenaar e.o.)

 
   
   

FOTOGRAFIE

dhr. D. Mittendorp (Diederik)

 
   
   

WERKRUIMTE EN ACTIVITEITEN

OPEN INLOOPAVOND
Elke eerste woensdag van de maand van 20.00-22.00 uur voor alle belangstellenden (behalve in de maanden juli en augustus).

LEZINGEN
Elke tweede woensdag van de maand in Cultureel Centrum De Coehoorn, Coehoornstraat 17, Arnhem (behalve in de maanden juli, augustus en december).

VONDSTVERWERKING
Elke dinsdag van 10.00-15.00 uur in de werkruimte (behalve in de maanden juli en augustus).

VELDWERK
informatie bij de veldwerkleiders.
zomeropgraving: zo mogelijk eens per jaar.
twee keer per jaar een uitgebreid convocaat met actuele activiteiten.
eens per jaar een jaarverslag.
bij voldoende artikelen een veldwerkverslag.

 
   
   

VOORWOORD

Voor u ligt het jaarverslag 2007 van onze AWN- afdeling, waaraan evenals in voorgaande jaren velen hebben meegewerkt. Gewoontegetrouw blikken we in dit jaarverslag terug.

Een belangrijk punt voor onze AWN- afdeling in 2007 was de komst van een nieuwe gemeentelijk archeoloog in Arnhem in de persoon van Martijn Defilet. Als directe collega bij de gemeente Arnhem heb ik hem nu een jaar mogen meemaken. Zijn activiteiten worden gekenmerkt door een grote werklust en inzet. Het is nu al duidelijk dat hij iemand is die, evenals zijn voorgangster Mieke Smit, de amateur-archeologen een warm hart toedraagt en het nut van samenwerking met amateurs inziet.

Het jaar 2007 kende diverse archeologische activiteiten, zoals de geslaagde zomeropgraving in Groessen. Hierbij werd het profiel van een dijk geschaafd en gedocumenteerd. In de dijk werden verschillende ophogingsfasen aangetoond, waaronder de twee oudste fasen uit omstreeks de 12e eeuw. Het was een bijzonder project, waarbij staande op ladders tot ongeveer 6 meter boven het maaiveld archeologisch onderzoek werd gedaan.
Ook is door AWN-17 medewerking verleend bij verschillende onderzoeksprojecten van de gemeente Arnhem. Dit was onder andere het geval in Malburgen, waar resten van de middeleeuwse bewoning met onder andere een hutkom werden blootgelegd.

Op 30 januari werd een contactavond met de Achterhoekse archeologiewerkgroepen van de lokale historische kringen gehouden. Dit op initiatief van ons lid en landelijk vice-voorzitter Bram van der Walle. Deze geslaagde bijeenkomst zal een vervolg krijgen en hopelijk leiden tot nauwere contacten met actieve amateur-archeologen in Oost-Gelderland.
Had de cursus veldwerk voor beginners in 2006 een geringe deelname (er namen toen slechts vijf cursisten deel), in 2007 waren het er acht, waarvan er enkele inmiddels actief zijn binnen het uitvoerende werk van onze afdeling. Overigens is het bestuur voornemens een vervolgcursus op te gaan zetten.

Ook over onze boeiende excursies en de in 2007 gehouden lezingen vindt u in dit jaarverslag informatie terug. Daarnaast mag ook de vondstverwerking niet vergeten worden. Op onze website is, dank zij de inspanningen van Wessel Baptist en Hans Leenders, steeds meer informatie te vinden.

Het bestuur blikt niet alleen terug naar het afgelopen jaar, maar kijkt ook vooruit. Zo heeft het bestuur weer enkele keren zogenaamd Benen Op Tafel Overleg (BOTO) gevoerd. Dit om na te denken over de vraag waar we als afdeling naar toe willen groeien. In de loop van 2008 zult u nog over de verdere plannen in dit verband geïnformeerd worden.
Ton de Lorijn had door andere activiteiten helaas te weinig tijd om penningmeester te kunnen blijven. Het bestuur is blij dat Rinus Houkes sinds oktober fungeert als penningmeester ad interim. Het bestuur zal hem in maart voordragen als nieuwe penningmeester.

Rest mij nog u veel leesplezier en een goed archeologisch jaar 2008 toe te wensen.

JAN VERHAGEN, voorzitter
 
   
   

NOTULEN VAN DE JAARVERGADERING OP 14 MAART 2007
Aanwezig zijn 27 leden/donateurs
Afwezig met kennisgeving: Diederik Mittendorp, Ton de Lorijn, Rein van Balen, Bram van de Walle, Mieke Smit.

1.   Opening om 19.50 uur
Voorzitter heet allen hartelijk welkom en stelt vast dat er geen wijzigingen zijn op de agenda.
2.   Notulen van de jaarvergadering van 8 maart 2006.
2.1 Punt10 op  een na laatste regel, ’gemeente Arnhem’ vervangen door ’gemeente Westervoort’.
2.2 N.a.v. punt 10.2 merkt de voorzitter desgevraagd op, ‘dat hij namens de AWN een e-mail naar de betreffende ambtenaar (mev. Simonse) heeft gestuurd om aandacht te vragen voor de archeologische waarden van de Schans. De woningbouw waarvan sprake is, komt in het gebied ten noorden van de Schans. De Schans zelf blijft onbebouwd, behalve mogelijk een deel van het centrale fort, waar eventueel een gebouw komt. In de politiek is hier nu volop discussie over.’

3.   Mededelingen van het hoofdbestuur van de AWN.
Geen mededelingen i.v.m. afwezigheid van Bram van de Walle, vertegenwoordiger van het HB.

4.   Mededelingen en ingekomen stukken.
4.1 Er zijn geen relevante ingekomen stukken.
4.2 Mededelingen: Frank Veldt vraagt aandacht voor de voorjaarsexcursie, er zijn nog plaatsen vrij. De leden die zich aanmelden worden (zo mogelijk) d.m.v. het internet op de hoogte gehouden.

5.   Stand van zaken BOTO.
5.1 De voorzitter geeft een kort resumé m.b.t. wat we willen met BOTO.
Vorig jaar tijdens de ALV is de vergadering akkoord gegaan met de toen voorgestelde ’Missie’ voor de afdeling. Op de AWN afgevaardigdendag in het najaar van 2006 is deze Missie door de vertegenwoordiger van de afdeling-17 aan de orde gesteld en die werd goed ontvangen door de vertegenwoordigers van de andere afdelingen en het HB.
5.2 Er zijn mogelijkheden voor verbeteringen en herbezinning; de vervolgacties tot nu toe zijn:
Anke Baljet heeft haar taken in de vondstverwerking en depotbeheer overgedragen aan Lammert van Pijkeren. Beheer AVK bestand, Bibliotheek en ledenbestand blijven haar verantwoordelijkheid.
We hebben plannen om de verwerking van glas- en metaalvondsten weer op te pakken.
Vastgesteld is dat de kloof die er bestaat tussen de enkelen met een ruime ervaring in het leiden van veldwerkactiviteiten en de rest, moet worden opgevuld. Dit jaar zal worden gestart met het opzetten van een 2e cursus, een kadercursus. Doel is te komen tot ’tussenkader’ dat dan zelfstandig kleinere veldwerkactiviteiten, bijvoorbeeld booronderzoeken, kan uitvoeren.

6.   Jaarverslag over 2006
6.1 De voorzitter dankt Frank Veldt voor het goed verzorgde en fraaie Jaarverslag 2006, met in dit jaar weer meer beeldmateriaal en informatie.
6.2 De voorzitter neemt het jaarverslag kort door. Hij schenkt o.a. aandacht aan het veldwerkdeel en vooral aan de zomeropgraving in Duiven en aan de opgraving aan de Eusebiusbuitensingel naast het stadskantoor.
T.a.v. van de vondstverwerking en de uitwerking van de veldwerkprojecten merkt hij op dat dit op goede wijze ter hand is genomen door Theo Nakken en Lammert van Pijkeren.
Geconstateerd wordt ook, dat de samenwerking met de stichting ’Historische Kelders’ goed verloopt. De deelname van de afdeling in de projecten van de ’Historische Kelders’ is stijgend.
T.a.v  de foto in het jaarverslag bij het afscheid van Mieke Smit merkt de voorzitter op dat deze foto niet door Anke Baljet is gemaakt maar door Miep Arkes.
Op een vraag van Cor Scheringa over de contacten van AWN-17 met de gemeente Rheden antwoordt Wim Schennink dat er binnenkort een overleg zal zijn met gemeente Rheden, de AWN en de Stadsarcheoloog van Arnhem.

7.   Financiële verantwoording over 2006 en begroting voor 2007.
7.1 In verband met de afwezigheid van de penningmeester, die met vakantie is, licht de voorzitter de verantwoording en begroting toe.
7.2 Over de aanschaf van een beamer/laptop combinatie voor de lezingen zegt de voorzitter dat het om een weliswaar grote maar ook verstandige uitgaaf gaat. Het vermogen van de afdeling en de reserves lieten dit toe. De voorzitter merkt bovendien op dat een grote reserve ook niet verstandig is i.v.m. onze subsidieverstrekkers.
Naar aanleiding van de opmerking van Rinus Houkes over het mogelijk afschrijven van de beamer/laptop combinatie in 5 jaar zegt de voorzitter toe dat hierover nagedacht zal worden tegelijk met een herbezinning die er komt over de (bestemmings) reserves. Het creëren van reserves is eigenlijk meer bedoeld voor kosten die niet zo vast staan. Het huidige systeem van bestemmingsreserves, zegt Rinus Houkes, is afkomstig van de toenmalige penningmeester van de AWN.
7.3 Bij tegemoetkomingen vrijwilligers, Lasten post 58, staat geen bedrag vermeld. Er is een achterstand in de verwerking en er is nog niets uitgekeerd; de achterstand wordt zo snel mogelijk weggewerkt.
7.4 Verkoop drukwerken, Baten post 81, is mogelijk bij de verkeerde post geboekt.
Excursiegelden, Baten Post 91, is door de voorzitter nog niet afgedragen; komt in de jaarrekening 2007.
7.5 Naar aanleiding van een vraag van Ron Moerenhout over het huidige internetbankieren (1% rente) versus de kwartaalplusrekening (3½ % rente), zegt de voorzitter het eens te zijn met zijn zienswijze; hij zal de penningmeester vragen hiernaar te kijken.
7.6 De jaarrekening 2006 en begroting 2007 worden goedgekeurd met dien verstande dat de vergadering instemt met het alsnog aanbrengen van een aantal wijzigingen en aanvullingen zoals besproken.

8.   Verslag van de kascontrolecommissie.
In verband met ziekte van Diederik Mittendorp, voorzitter van de commissie, is Theo Nakken als reservelid de rapporteur van de commissie.
De kascontrolecommissie heeft alles volledig in orde bevonden. De commissie stelt de vergadering voor, het bestuur décharge te verlenen voor het gevoerde beleid; de Algemene Ledenvergadering stemt daarmee in.

9.   Benoeming van een lid en een reservelid van de kascontrolecommissie.
De samenstelling van de nieuwe commissie is als volgt:
Voorzitter: Theo Nakken
Lid: Wessel Baptist
Reservelid: Ron Moerenhout     

10.   Bestuursverkiezing
10.1 Reglementair aftredend en herkiesbaar zijn Jan Verhagen, Ben Clabbers en Ton de Lorijn. De penningmeester, Ton de Lorijn, zal tussentijds aftreden, als een opvolger is gevonden. Over de bestaande vacature in het bestuur zegt de voorzitter dat dit geen grote problemen oplevert.
10.2 De voorzitter vraagt de vergadering mandaat t.a.v. de procedure bij de wisseling van penningmeester. Het voornemen is de nieuwe penningmeester te benoemen in een extra vergadering, bijvoorbeeld samenvallend met een lezing.
10.3 De vergadering stemt in met de samenstelling van het bestuur en de te volgen procedure bij wisselen van de penningmeester.
11.   Rondvraag en sluiting
11.1 Gerard van Bergen vraagt wat de datum is voor de najaarsexcursie. Cor Scheringa (toekomstig excursieleider) zegt dat ideeën welkom zijn en dat de datum begin mei bekend zal zijn.
11.2 Maatha Goudriaan vraagt hoe bij de komende excursie het vervoer is geregeld en wat de kosten daarvoor zijn. Frank Veldt geeft de nodige uitleg.

BEN CLABBERS, secretaris
 
   
   

CONTACTEN

CONTACTEN JAN VERHAGEN

  • Gedeelte jaar 2007: Hoofdredacteur van boek ‘Opgegraven verleden van Gelderland’, dat op 20 april werd gepresenteerd, een uitgave van de Gelderse Archaeologische Stichting
  • 04-04 t/m 25-04: Vervolgcursus archeologie voor scholieren aan de Volksuniversiteit in Zevenaar
  • 22-05: Uitreiking van de versierselen als Ridder in de Orde van Oranje-Nassau
  • 09-09: Open Monumenten Dag Zevenaar (met Lenie Strijbosch en Jan Coenraadts)
  • 09-10: Ontvangst studenten Larenstein in AWN- werkruimte
  • 27-10: Vertegenwoordiging AWN op 50-jarig jubileum Gelders Erfgoed
  • 15-11: Lezing over de archeologie van de Liemers op de Volksuniversiteit in Zevenaar
  • 17-11: AWN afgevaardigdendag

CONTACTEN WIM SCHENNINK

  • Edu- art Gelderland
  • Historische Kelders Arnhem
  • Stadsomroep Arnhem
  • Weekendschool Arnhem
 
   
   

OVERZICHT VAN DE VELDWERKACTIVITEITEN IN 2007


ALGEMEEN
Het overzicht van de veldwerkactiviteiten is dit jaar weer divers en goed gespreid over het afdelingsgebied. Het aantal eigen projecten is beperkt gebleven, met name door tekort aan menskracht om dit te organiseren. De zomeropgraving onder leiding van Jan Verhagen, dit jaar bestaand uit twee projecten, maakt dit weer een beetje goed. En meteen uniek, want wanneer kan een volledig dijkprofiel in kaart gebracht worden? Helaas zijn vrijwel alle activiteiten wel doordeweeks, en niet meer op zaterdag. Gelukkig was Martijn Defilet, gemeentelijk archeoloog van Arnhem, bereid om met de AWN enkele zaterdagen te werken in een kelder aan de Kleine Oord. Dit leidde tot deelname van enkele mensen die echt alleen op zaterdag kunnen. Hulde.
Verheugend is ook de ontwikkeling in de Achterhoek met een zeer actieve groep in Zelhem. Er is inmiddels een prachtig onderkomen ingericht, namelijk het museum ’Smedekinck’, Pluimersdijk 5 te Zelhem. Het is een in oude staat gerenoveerde boerderij met erfgoedmateriaal in de ruime zin. Voor de archeologie is er een mooie ruimte met vitrines waarin veel materiaal ligt over de archeologie van Zelhem vanaf 12.000 v. C.; zie www.museumsmedekinck.nl. Het museum heeft sinds de opening in april 2007 inmiddels meer dan 3000 betalende bezoekers gehad (leden van de Oudheidkundige vereniging ’Salehem’ hebben gratis toegang). Ook de contacten met gemeente en bedrijven krijgen goed vorm. Complimenten hiervoor.
Leuk om te vermelden zijn de enthousiaste reacties van deelnemers aan projecten van bedrijven. Vanuit verschillende hoeken werd gemeld dat de sfeer goed was en de hulp welkom was.

Gereedschap
Dit jaar zijn een meetlint van 50 meter, twee duimstokken van 3 meter en twee deelbare jalons aangeschaft.

Coördinatieteam
In 2007 bestond het team uit:

  • Wim Angenent (veldwerkleider Bennekom-Ede)
  • Dénes Beyer (veldwerkcoördinator)
  • Ben Clabbers (contactpersoon Arnhem stad)
  • Rinus Houkes (veldwerkleider buitengebied)
  • Jan Verhagen (veldwerkleider Liemers)
 
   
   

PROJECTEN IN 2007

Arnhem - Schuytgraaf vindplaats 2 (AhSc)
In januari 2007 zijn de waarnemingen afgesloten in de bouwput voor de bouw van een appartementen­complex op het randje van de vindplaats. Deze bouwput is tot anderhalve meter diepte uitgegraven tot in het oeverwalzand. De bouwput ligt ten zuidwesten van de bodempassage en aan de zuidwestrand van de vindplaats. In 2005 tijdens de zomeropgraving lag hier opgravingsput 14. De stort was inmiddels verwijderd. In de put was over enkele meters de bodem zichtbaar van ’De Schutgraaf’, de afwateringssloot aan de zuidwestelijke zijde van de vindplaats. Hieruit zijn vondsten geborgen, o.a. een fragment van een grote pot van roodbakkend aardewerk. Er is getracht de loop van de greppels in kaart te brengen, maar dit bleek lastig; het grootste deel van de greppels was reeds volledig vergraven.

Arnhem - Schuytgraaf veld 16
Het zuidwestelijke deel van het terrein is nog eenmaal bezocht: de locatie van de voormalige boerderij.  Er waren ondiepe afwateringsgreppels gegraven om het opgepompte water af te voeren voor de aanleg van de riolering onder de bouwweg. Uit de stort van deze greppels en het terrein zijn vondsten verzameld die goed aansluiten bij de eerdere vondsten uit 2006 met materiaal vanaf ongeveer de 17e eeuw.

Arnhem - WOII
Eind januari is het terrein bezocht met een medewerker van de meetdienst van de gemeente om een plan van aanpak te maken voor het plaatsen van vaste punten in het veld. Door de dichte begroeiing was een aparte aanpak nodig. Hierna heeft de gemeente een expert gevraagd te kijken naar risico’s van niet- gesprongen explosieven. Toen dit risico aanvaardbaar bleek, zijn de vaste meetpunten in april geplaatst. In verband met de opkomende begroeiing is dit jaar niet verder gewerkt aan het project.

Geesteren
AWN Zelhem en Ruurlo heeft gedurende een dag met toestemming van de gemeente onderzoek gedaan. Aanleiding was de vondst van paalsporen bij het graven van een kikkerpoel in een weiland. Helaas zaten een groot aantal sporen, welke vooraf gefotografeerd waren, al onder het grondwater. Het werd duidelijk dat het om een huisplattegrond ging met daaromheen een slotenpatroon. Het aangetroffen aardewerk dateert uit omstreeks 1300,  met een bijna complete Siegburg kan. Alles wordt nog gedetermineerd en in kaart gebracht. Het rapport gaat naar de gemeente.

Groessen - Leuvensedijk (GrLd)
Van 7 tot 11 augustus heeft het grootste deel van de zomeropgraving zich afgespeeld op een voormalig bouwterrein van Prorail langs de Betuweroute. Door de aanleg van de Betuweroute en de tunnel onder het Pannerdensch Kanaal bij Groessen is een gedeelte van de Leuvensedijk ongezien weggegraven. Tijdens de archeologische begeleiding had dit geen prioriteit. In 2001 is gezien dat het resterende dijkuiteinde een schillenstructuur bezit, hetgeen betekent dat er verschillende ophogingen aanwezig zijn en dat de dijk mogelijk middeleeuws is. Daarom is het verzoek ingediend om de dijk archeologisch te onderzoeken. Vanwege de herinrichting van het terrein was het dit jaar de laatste kans voor een onderzoek. Tijdens het onderzoek golden speciale veiligheidsvoorschriften, vanwege de nabijheid van de Betuweroute. Het onderzoek stond onder leiding van Jan Verhagen.

Bekende archeologische en historische gegevens
In de dijkbrief van 1328 besluiten de graaf van Gelre en de graaf van Kleef gezamenlijk een complete dijkring rond de Liemers tot stand te brengen. Het is bekend dat er voordien al dijken waren, maar deze beschermden beperkte gebieden. De theorie is dat door het verbinden van deze dijken en het afsluiten van een aantal (crevasse)geulen de dijkring tot stand gebracht is.
In de loop van de eeuwen is de Lijmerse bandijk op diverse plaatsen doorgebroken. Doorbraken hebben onder andere plaatsgevonden in 1584, 1595, 1635, 1744, 1753, 1757, 1761, 1770, 1784, 1799, 1809 en 1861. De waaien, restanten van dijkdoorbraken, ten zuidoosten van de onderzoekslocatie dateren uit verschillende jaren, waaronder 1753, 1757 en 1799 en hebben geleid tot de ondergang van de buurschap Leuven.
De ligging van het onderzochte stuk dijk op oude kaarten, de positie van verschillende dijkdoorbraakkolken en de ligging van inlaagdijken, wettigen de veronderstelling dat dit dijkgedeelte nog op de oorspronkelijke plaats ligt en dus een middeleeuwse kern in zich bergt. De tot nu toe oudste aangetroffen kaart is van 1651. Hierop heeft Nicolaas van Geelkercken in de Liemers de landerijen van de Commanderie van Sint Jan in Arnhem in kaart gebracht. Het bijzondere van deze kaart is dat van een deel van de Lijmerse bandijk ook de onderhoudsplichtigen zijn  aangegeven. Voor het onderzochte deel gaat het waarschijnlijk om ’Haus Bongarts’. Een andere, gedetailleerde kaart betreft de Atlas van het Ambt Liemers uit 1735. Voor zover bekend is de dijk tussen 1852 en 1876 voor het laatst opgehoogd.

Aanpak onderzoek
Bij het onderzoek is de doorwortelde oppervlakkige laag van het dijkuiteinde machinaal verwijderd, waardoor het profiel zichtbaar is gemaakt. Het profiel is met de hand geschaafd. Voor de hogere delen van de profielwand is gebruik gemaakt van ladders die voorzien zijn van een grondbalk. Het profiel is tot onder het huidige maaiveld doorgezet om ook de dijkvoet (met name van de oudste fasen) in beeld te brengen. Het profiel van het dijkuiteinde is na schaven en aankrassen gefotografeerd en getekend (zie foto). Het profiel is ongeveer 35 m lang en ongeveer 7 m hoog. De onderste meetlijn op de foto is aangebracht op 11 m+NAP, de bovenste hangt twee meter hoger op het profiel.
Vondsten zijn ingemeten in het profiel en kunnen toegekend worden aan grondlagen.
Aangezien het profiel niet verticaal is, zijn aanvullende waterpassingen gedaan van karakteristieke punten op het profiel.

Resultaten
Bij het verdiepen van het profiel om de dijkvoet zichtbaar te maken is een metalen gesp aangetroffen. Deze was rond, ongeveer 4,5 cm in diameter, en was versierd met zigzaglijnen. Vermoedelijke datering is laat- middeleeuws. De gesp lag onder een organische laag waarin ook hout is aangetroffen.
Van onder naar boven is sprake van een stratigrafie (zie foto). Onderop is de natuurlijke ondergrond aangetroffen in de vorm van een oeverwal; deze bestond uit zandig materiaal met hierop een kleiige laag. De oudste fase van de dijk is hierop aangelegd. Deze bestond uit zandlagen. De vermoedelijke top van deze fase bestaat uit een donkere organische laag (op de foto net links van het midden, boven het onderste meetlint). In deze laag zijn aardewerkscherven aangetroffen (kogelpot, Pingsdorf en Paffrath). Deze dijk was 1 à 1,5 meter hoog.
De volgende fase bestaat uit een ophoging aan de binnenzijde (landzijde), wederom met zandlagen. Wederom is een rossige laag aanwezig, en een (hellende) donkere organische laag (snijdt op de foto het bovenste meetlint, rechts van het midden). Ook hierin zijn wederom aardewerkscherven aangetroffen (kogelpot, Pingsdorf en Pafrath), verbrande leem, houtskool en botmateriaal.
Op grond van het schervenmateriaal gaan we ervan uit dat beide fases met een beperkt tijdsverschil uit (ongeveer) de twaalfde eeuw dateren. De hoogte van de tweede fase ten opzichte van de oeverwal was ongeveer drie meter.
In een volgende fase is de dijk aan de binnenzijde opgehoogd, met zand. Hierin zijn geen scherven gevonden.
De volgende ophogingslagen bestaan alle uit klei en zijn vooral aan de buitenzijde van de dijk aangebracht. De laag met krimpscheuren duidt op zware klei, de hogere lagen bestaan uit minder zware klei. Het is niet duidelijk hoeveel fases dit daadwerkelijk zijn. In geen van deze lagen is dateerbaar materiaal aangetroffen. De hoogste laag is voorzien van een puinverharding van rode baksteenpuin. Daaroverheen is een dunne laag aangebracht om een groene dijkkruin te verkrijgen. De huidige dijkkruin blijkt precies boven de kruin van de eerste dijk te liggen! Aan de buitenzijde (rivierzijde) is hierop nog een laag recent gestorte grond aanwezig.
Het is voorstelbaar dat de oudste dijkfases niet behoren tot een dijk, maar bijvoorbeeld tot een terp. Om deze mogelijkheid te onderzoeken is in de profielwand lokaal een klein vlak aangelegd om de richting (strekking) van de grondlagen vast te stellen. Voor zover zichtbaar verloopt deze richting parallel aan de richting van de dijk. Dit betekent dat een dijk aannemelijk is.

Zelhem - Brunsveldweg
Op de locatie Brunsveldweg zijn tijdens een veldverkenning veel slakken gevonden. De ijzerslakken en ovenresten zaten door elkaar.

Zevenaar - Masiusplein
In Zevenaar zijn onder leiding van Jan Verhagen hoogtemetingen uitgevoerd aan het gedeelte van de burchtwal dat nog op het Masiusplein aanwezig is. Aanleiding was het plan van de gemeente Zevenaar voor de bouw van een ondergrondse parkeergarage op het Masiusplein. Hierbij zal tevens een nieuwe inrichting van het zuidelijk deel van het plein als verblijfsgebied worden gerealiseerd. Onderdelen hiervan zijn een nieuwe reconstructie van de middeleeuwse burcht en het opknappen van de burchtwal. Om dit laatste goed aan te kunnen pakken, was inzicht in de opbouw van de wal met hoogteverloop noodzakelijk.
In augustus en september werden de   hoogtemetingen uitgevoerd. Omdat het zomer was, vormde het uitbundige gebladerte van de op de wal aanwezige bomen en struiken nogal eens een hindernis.
De inzet van de deelnemers betekende echter dat takken opzij gebogen konden worden, zodat de vizierlijn vrij was en de baak kon worden afgelezen. Op deze manier kon een hoogtelijnenkaart van de wal worden geproduceerd (zie afbeelding). Een opvallend fenomeen is het extra heuveltje op de hoek van de wal. Deze verhoging wordt door ons geïnterpreteerd als een soort platformpje waarop geschut heeft gestaan. Verder blijkt dat de noordoostelijke buitenzijde van de wal niet meer in model is, vermoedelijk tengevolge van werkzaamheden in het begin van de 20e eeuw.

Dit was een bijzonder project, waarvan het maken van een hoogtelijnenkaart met behulp van Photoshop een onderdeel vormde.
 
   
   

BIJDRAGEN AAN ACTIVITEITEN VAN DERDEN

Apeldoorn - grafheuvels Kroondomein Het Loo
In juli 2007 is er een opgraving uitgevoerd bij twee grafheuvels in de bossen van het Kroondomein Het Loo. De gemeente- archeoloog van Apeldoorn, studenten en wetenschappelijk medewerkers van de faculteit Archeologie van de universiteit Leiden waren er met zo’n 15 man aan het werk. Wim Schennink heeft op eigen initiatief een dag assistentie verleend.
Van de grootste grafheuvel (16 meter in diameter) werd een kwadrant handmatig laagsgewijs afgegraven. Er werd steeds 10 centimeter verdiept. Om het vlak niet onnodig kapot te maken werd er gewerkt op sokken of klompen. De heuvel was opgebouwd uit plaggen, die dakpansgewijs op elkaar waren gelegd. Hoog in de heuvel werd een crematiegraf gevonden. Enkele aangetroffen fragmenten brons waren waarschijnlijk resten van een speld die de punten van een doek bij elkaar gehouden heeft. In totaal werd er 3 kilo crematieresten geborgen: de resten van een heel skelet. Aardewerkscherven die op het oude maaiveld werden gevonden dateren de heuvel in de IJzertijd.
In de kleinere heuvel werden tussen de plaggen scherven uit de Late Steentijd gevonden.
Waarschijnlijk is dit een bekergraf uit ongeveer 2000 voor Chr. En dat betekent, dat de grotere heuvel later naast de kleine is aangelegd en dat de locatie mogelijk een speciale betekenis had voor de prehistorische mens. Het terrein om de grafheuvels werd ook onderzocht door proefsleuven tot ver in het bos aan te leggen. Er werden tientallen paalsporen aangetroffen. Een constructie was een rond bouwwerk, mogelijk een veekraal of een tijdelijke behuizing van de grafheuvelbouwers. Om enig zicht op de vegetatiegeschiedenis te krijgen werden er honderden bodemmonsters genomen.
Veel dank aan Maarten Wispelwey en David Fontein voor de geboden gastvrijheid.

Arnhem - Malburgseveerweg
Onder leiding van de nieuwe gemeentelijk archeoloog Martijn Defilet is van 12 t/m 17 april een proefsleuf gegraven in het plangebied Malburgseveerweg, waar de aanleg van een klein bedrijventerrein is voorzien. Deze plek ligt vlak bij de plek waar enige jaren geleden muurwerk is opgegraven, dat vermoedelijk van de Malburgse Margarethakerk is geweest. Verondersteld wordt dat hier de kern van het oude Malburgen lag. In de proefsleuf werden diverse grondsporen, zoals greppels, paalkuilen en afvalkuilen, aangetroffen. Het merendeel stamt uit de 14e en 15e eeuw, waarbij veel grijs aardewerk en steengoed werd aangetroffen. Er werd echter ook ouder vondstmateriaal geborgen. Bijzonder was de vondst van een kleine hutkom uit de 12e of 13e eeuw. Het oudste vondstmateriaal is Pingsdorf- en kogelpotaardewerk. Enige stukken tufsteen komen overeen met dergelijk materiaal dat bij de voormalige kerk is gevonden.

Arnhem - Rijnstraat 56
Onder leiding van Martijn Defilet en Jan Verhagen is op 15 t/m 19 februari het uitdiepen van een kelder in het pand Rijnstraat 56 archeologisch begeleid. Hierbij bleek dat de vloer van deze kelder in het verleden juist is opgehoogd. Dit moet in de 17e eeuw hebben plaatsgevonden. Hierbij is een flinke hoeveelheid puin met een aantal natuurstenen bouwfragmenten, samen met zand, gebruikt als ophogingsmateriaal. Aangezien het pand uit de 14e en 15e eeuw dateert, maar de voorgevel jonger is, zou het wel eens kunnen zijn dat het aangetroffen puin van een verbouwing van de voorgevel afkomstig is. Nadere studie van de natuurstenen bouwfragmenten moet hierover uitsluitsel geven.

Arnhem - Kleine Oord 81
Onder leiding van Martijn Defilet en Carmen Harmsen is vanaf 3 oktober gravend onderzoek gedaan in de kelder van het pand Kleine Oord 81 in Arnhem. In dit pand is een verbouwing gaande, waarbij onder andere de kelder weer opgeknapt zal worden. Onderdeel hiervan is het verlagen van het vloerniveau.
In 2001 was bij een vooronderzoek in de keldervloer al een doofpot aangetroffen. Bij het huidige onderzoek bleek de bodem onder de vloerresten een gelaagde opbouw te hebben. Vlak onder het recente vloerniveau zat een ouder vloerniveau dat in de 15e eeuw aangebracht moet zijn. Waarschijnlijk komt dit overeen met de bouw van de kelder van het pand, maar bouwhistorisch onderzoek zal nog plaatsvinden.
Onder de 15e-eeuwse ophoging kwam een ouder pakket tevoorschijn, waarin zich onder andere protosteengoed en tufsteen bevindt. Dit wordt gezien als een oud bodempakket. Hieronder bevindt zich een dunne kleilaag, die mogelijk door de Rijn is afgezet. Hieronder bevindt zich schoon zand. Het afgezette kleilaagje wijst erop dat we hier dicht bij de grens tussen de stuwwal en de rivierzone zitten. Dit hoeft geen verbazing te wekken omdat de Kleine Oord in het verlengde van de Oeverstraat ligt.

Arnhem - Deelenseweg
In het najaar zijn onder leiding van Jan Verhagen boringen uitgevoerd op de plekken van twee aan te leggen paddenpoelen bij de Deelenseweg. Op één van de twee plekken werd een laag wallichaam aangetroffen. Om deze reden is de locatie van de aan te leggen paddenpoel opgeschoven, waardoor het wallichaam niet aangetast hoeft te worden.

Arnhem - Eusebiusplein 30
Op 27 september is naar aanleiding van een melding een waarneming gedaan achter een te restaureren pand. Er bleek zich een beerput op het achtererf te bevinden. De beerput wordt gedateerd in de tweede helft van de 19e eeuw.

Ede - Pascalstraat
Van 23 april tot 9 mei is aan de Pascalstraat in Ede een opgraving uitgevoerd door ADC Archeoprojecten. Het terrein waar een nieuw medisch centrum wordt gebouwd, ligt op de noordflank van een grote dekzandrug. Deelname door Ans Meure.
De belangrijkste sporen en vondsten dateren uit  twee periodes. Uit het Mesolithicum dateren een aantal grote haardkuilen gevuld met houtskool. Uit de IJzertijd dateert een compleet erf met een boerderij, schuur, spiekers en een grote  waterput. Daarnaast zijn nog  vondsten uit de Romeinse tijd en Middeleeuwen gedaan,  allemaal op een halve hectare. Op vrijdag 4 mei zijn twee rondleidingen gegeven voor het grote publiek. Aansluitend was er een rondleiding voor de vrijwilligers van de gemeente Ede en de AWN.

Ede - Kernhem vlek B.
Van 14 mei  tot 11 juni heeft een proefsleuvenonderzoek plaatsgehad in Ede op de nieuwbouwlocatie Kernhem, vlek B. Op deze vindplaats liggen waarschijnlijk twee Mesolithische kampjes naast elkaar. Om deze goed te kunnen opgraven, is in deze eerste fase van het onderzoek de exacte begrenzing bepaald. Het onderzoek is uitgevoerd door ACVU-HBS, van de Vrije Universiteit Amsterdam. Vanuit de AWN is enkele dagen geassisteerd door Theo Nakken en Lammert van Pijkeren. Hierbij zijn kleine vakjes van 50 bij 50 cm of 1 bij 1 m uitgetroffeld, om alle vuursteen- en overige vondsten goed vast te leggen. Het onderzoek was dermate succesvol dat een opgraving wordt voorbereid.

Ede - Uitvindersbuurt
In twee fases heeft BAAC onderzoek gedaan in de Uitvindersbuurt in Ede. Het onderzoek vond plaats in nauwe afstemming met de aannemer tijdens de sloop en het bouwrijp maken van het terrein. De eerste fase van 12 weken vanaf half juni leverde nauwelijks sporen en vondsten op.
De tweede fase vond plaats in de eerste helft van november. Er is assistentie verleend door Wessel Baptist, Lammert van Pijkeren en Monique Heiboer bij het couperen van de grondsporen. Op een stuk van ongeveer 3500 m² zijn twee complete huisplattegronden en drie (mogelijk vier) waterputten gevonden. Datering is wegens gebrek aan vondstmateriaal nog niet helemaal zeker, maar vermoed wordt laat Romeins of vroeg- Middeleeuws. Daarnaast is ook kogelpot- en bronstijdaardewerk aangetroffen.

Hengelo (Gld.) - Nieuwe gemeentehuis
In Hengelo (Gld.) was er een opgraving van 5 weken met ADC. Gemiddeld heeft de AWN Zelhem met minimaal 1 persoon per dag meegewerkt. De  locatie was de plaats waar het nieuwe gemeentehuis van Bronckhorst komt. Het betrof hier resten uit de IJzertijd met minimaal 3 boerderijcomplexen. Het betrof 1-schepige boerderijen, met 3 werkruimten. Naast veel aardewerk was er ook wat bewerkt stenen materiaal/gereedschap waaronder een maalschaal en maalstenen, stenen bijl en nog wat ander gereedschap.
Het is nog niet duidelijk of het om een wandelende boerderij of om 3 boerderijen uit dezelfde tijd gaat. Ook de context van de stenen voorwerpen was nog niet duidelijk.

Pannerden - centrum
In het centrum van Pannerden is in het voorjaar van 2007 een voormalig nonnenklooster afgebroken, dat de laatste jaren als bejaardencentrum gefungeerd heeft. Vanwege de hoge archeologische verwachting heeft Becker en van de Graaff in september en oktober een opgraving uitgevoerd. Vlakbij, in de Pastoor Brugmanstraat, heeft de AWN in 2001 een proefsleuf onderzocht. Dit onderzoek leverde vondsten op van de 4e tot de 12e eeuw en is gepubliceerd in Westerheem december 2004, pp. 256-259.
Op het terrein is een groot complex van oude woongrond aanwezig. Theo Nakken en Lammert van Pijkeren hebben gedurende meerdere dagen assistentie verleend. Ook Henny Peters is een paar maal geweest met zijn metaaldetector. Hij heeft nog twee Romeinse munten en een mooie schijffibula met een knopje gevonden. In drie vlakken is de bodem onderzocht. Hierbij zijn grote hoeveelheden grondsporen aangetroffen en vondsten vanaf de IJzertijd tot in de Middeleeuwen.
Het vrij grote oppervlak is in drie gedeelten bewerkt. Er is, per gedeelte, in drie vlakken opgegraven. Op een gegeven moment zijn er op het eerste gedeelte, in het 2e vlak ca. 360 (!) sporen gevonden (opp. ca. 25 x 25 meter !!), waaronder 10 sporen die in aanmerking kwamen voor een waterput. De andere sporen waren voornamelijk paalsporen en een enkel slootje. Ook is er (waarschijnlijk) een huisplan gevonden, gezien de positie van enkele rijen paalsporen. Er was voor ons als AWN-ers meer dan voldoende werk (m.n. couperen). Er zijn kilo’s botten (o.a. varken en rund, waarschijnlijk slachtafval) geborgen en wat scherven betreft: aardig wat grijs aardewerk/kogelpot, enkel steengoed, een paar stukjes glas. Theo Nakken heeft een paar Paffrath, Pingsdorf en Merovingische (Mayen?) scherven gevonden. Uit het derde vlak kwamen nog redelijk wat ijzertijdscherven. Verder zaten er veel puinbrokjes, enkele brokken tufsteen en veel houtskoolrestjes in de vlakken. Lammert van Pijkeren vond een gedeelte van een Romeinse dakpan (tegula), helaas zonder stempel, en de onderkant van een trechtervormig drinkglas.

Steenderen - nabij brandweerkazerne
RAAP heeft in Steenderen nabij de brandweerkazerne een opgraving uitgevoerd. De AWN Zelhem heeft gemiddeld dagelijks met minimaal 2 mensen  meegeholpen. Hiervoor is achteraf met tussenkomst van de gemeente Bronckhorst ongeveer 5,50 Euro per persoon per dag als onkostenvergoeding ontvangen voor de kas van onze afdeling.
Het betrof een zeer groot ’uniek’ urnenveld met vele kringgreppels en een tiental urnen. De kringgreppels lagen soms zelfs over elkaar, zodat deze locatie honderden jaren in gebruik geweest moet zijn. Het dateert in ieder geval uit de IJzertijd en mogelijk zelfs uit de Late Bronstijd.
De Middeleeuwers hadden geen respect: dwars door de kringgreppels waren er middeleeuwse huisplattegronden en andere bewoningssporen, zoals sloten, karrensporen en een aantal smalle stroken waar gewassen/groenten verbouwd moeten zijn.

Wageningen - Kolkakkerweg
Ans Meure en Dénes Beyer hebben in april assistentie verleend bij een opgraving van BAAC aan de Kolkakkerweg in Wageningen. Sloop van flats en geplande nieuwbouw maakte onderzoek noodzakelijk. Er zijn sporen en vondsten gedaan uit de IJzertijd en de Middeleeuwen (9e tot 12e eeuw). De vondst van diverse stukken Pingsdorf aardewerk is bijzonder voor Wageningen. Het tweede gedeelte van de opgraving vond plaats in mei. Met dank aan Nico van Dalfsen voor de beschrijving van de activiteiten van de AWN Zelhem, Wim Schennink voor het onderzoek aan de grafheuvels in Apeldoorn, en Lammert van Pijkeren en Theo Nakken voor de beschrijving van het onderzoek in Pannerden.

WIM ANGENENT, DÉNES BEYER en JAN VERHAGEN
 
   
   

CONGRES “ARCHEOLOGIE VAN DE VELUWE”

Op 20 juni werd in Restaurant ’Het Uddelermeer’ een congres gehouden met als titel ’Archeologie van de Veluwe’. Met dit initiatief van Hazenberg Archeologie werd de archeologie voor het voetlicht gehaald, met als thema ’Cultuur ontmoet natuur’. Diverse organisaties hebben het congres financieel mogelijk gemaakt. Hazenberg Archeologie heeft in een kleurrijke folder verslag gedaan van de dag.
In totaal waren zo’n 120 mensen afgereisd naar Uddel om de verschillende lezingen te volgen. Er waren vertegenwoordigers van bestuurders (gemeenten, provincie), natuurbeschermingsorganisaties, toeristische sector, vakwereld en vrijwilligers. AWN-17 was met vijf mensen vertegenwoordigd en een stand met uitleg over het onderzoek naar de ijzerslakhopen bij Oosterbeek. Jan Verhagen was één van de leden van een panel.
Van de archeologisch interessante presentaties wordt hieronder kort verslag gedaan.

In een filmbijdrage sprak Prof. dr. H.T. Waterbolk over 150 jaar archeologisch onderzoek op de Veluwe. In de 19e eeuw deed Jansen (RMO) o.a. onderzoek naar de Huneschans bij Uddel. Rond 1910 deed Holwerda onderzoek naar grafheuvels op de Kroondomeinen bij Vaassen. In 1935/1936 onderzocht Van Giffen enkele grafheuvels. In 1947/1948 waren de grafheuvels in Warnsborn aan de beurt, waarbij Waterbolk zelf als student meegroef. In de jaren 50 was al het besef aanwezig om niet op te graven in beschermde gebieden. Waterbolk promoveerde op het toepassen van pollenanalyse. In 1954 werd hij hoogleraar.

In een humorvolle bijdrage van Drs. Maarten Wispelwey, gemeentelijk archeoloog van Apeldoorn, stond de grafheuvel centraal. Van de ruim 3000 archeologische monumenten in Nederland zijn er ruim 1400 grafheuvel. Een groot deel hiervan ligt in de Utrechts-Gelderse zandgronden. De centrale vraag in de presentatie was: wat weten we ervan en klopt dit wel? Dat ze dateren uit de periode 2900 v. Chr. tot het begin van de jaartelling. En dat er mensen werden begraven. Of toch niet? Was het een familiegraf? Zelden is er sprake van meer dan 2 bijzettingen. In het centrale graf liggen ook vrouwen en kinderen. Er is één grafheuvel bekend waarin alleen kinderen liggen. Slechts een deel van de nederzetting werd begraven in een heuvel. En de rest dan?
In Garderen is een grafheuvel met het skelet van een koe. Veel van de crematieresten zijn dierlijk: is dit meegegeven eten of zijn er dieren begraven? In een heuvel in Nijmegen uit de Late Bronstijd lag alleen op de bodem van een urn 1 stukje menselijk bot. In een IJzertijdheuvel in Oss-Zevenbergen lagen in het centrum van de heuvel resten van een verbrande eik, vier fragmenten van bronzen of ijzeren voorwerpen en één stukje bot.
Het landschap rond de heuvel is nauwelijks onderzocht. Nader onderzoek aan grafheuvels in Apeldoorn moet helpen om de vragen te beantwoorden.

In een filmbijdrage sprak Prof. dr. Antonie Heidinga op locatie over de opgravingen bij Kootwijk. Hij is als hoogleraar Middeleeuwse archeologie verbonden geweest aan de Universiteit van Amsterdam. Het onderzoek liep van 1971 tot 2000. Uit de 2e/3e eeuw stammen een grote boerderij en klein gebouw met porticus (tempel?). De gebouwen lagen op de flank van de heuvel ’Dikke Bart’. Beroemd is Kootwijk voor de sporen van een vroegmiddeleeuwse nederzetting. In de 8e/9e eeuw bevond zich 50 m naar het zuidoosten van de heuvel tot in de 10e eeuw een meertje. Op 1½  m diepte bevond zich namelijk een ondoordringbare laag. Het vennetje is nu stuifzandheuvel. Ten noorden en westen hiervan lagen 8 boerderijen. Uit de 9e eeuw dateren waterputten in de randzone van het ven. Begon het ven op te drogen of was er sprake van vervuiling? De nederzetting verschoof steeds meer naar de centrale zone van het ven. In totaal zijn er 20 boerderijen gevonden. In de 10e eeuw moet er een droogteperiode zijn geweest; dat kan worden afgeleid uit waterstanden in aangetroffen waterputten. Mogelijk is toen het stuiven begonnen en zijn de mensen weggetrokken.
Op grond van het aardewerk wordt vermoed dat de bewoning begonnen is door mensen van elders die aangetrokken werden door de klapperstenen voor ijzer. Mogelijk speelde de nederzetting een rol in de export van ijzer.
Er zijn nog veel openstaande vragen. Zo is onbekend of Kootwijk representatief is voor nederzettingen uit de vroege middeleeuwen of heel bijzonder. Ook is onduidelijk wat er tussen de 3e en 7e eeuw plaatsvond, en wat erna.

In de voordracht van Prof. dr. ir. Theo Spek stond de lange termijn landschapsgeschiedenis van de Veluwe centraal. Hij is senior onderzoeker Landschappelijk Erfgoed van de RACM en hoogleraar landschapsgeschiedenis aan de Universiteit van Groningen.
Hij maakt onderscheid in twee soorten stuwwallen uit de voorlaatste ijstijd. De eerste bestaat uit een rijke bodem van bruine zanden, opgebouwd uit zanden van Rijn en Maas. De tweede heeft een arme bodem van witte zanden, opgebouwd uit zanden van oostelijke rivieren (o.a. de Weser). De rijke gronden blijken intensiever gebruikt, ook al zijn er regionale verschillen. De keuze voor bewoning werd namelijk ook bepaald door de relatie met lager gelegen gebieden. Naast de stuwwallen wordt de Veluwe gekenmerkt door de zogenaamde sandrvlakte: een uitspoelingswaaier van smeltwater. Een grote ligt bij Schaarsbergen - Wolfheze. Verder zijn er diverse dekzandruggen die vanaf de stuwwal de lager gelegen gebieden inlopen.
In de loop der eeuwen werden steeds andere plekken in gebruik genomen voor wonen en werken. Elke periode heeft daarom een ’andere kaart’ van de Veluwe. Hieronder een kort overzicht.

 

 

Paleo-mesoliticum:       
Boeren:

bewoning langs natte randen
trek naar hogerop
(Uddelermeer: 17 m diep, 2 m water en 15 m organisch materiaal. Pollenanalyse hieruit geeft inzicht in de vegetatiegeschiedenis)

 

3000 vC:

bijna gesloten bos (90% bos, 10% ondergroei) loofbos (eik, winterlinde, zomerlinde). Kleine open plekken

 

2000 vC:

steeds meer open -> heide/grassige heide, parkachtig bos

 

IJzertijd:

hoogtepunt openheid in bos (heide)
stuwwalflanken nederzettingen en Celtic Fields kolonisatie dekzandruggen

 

Merovingisch:

bewoning op de flanken

 

Karolingisch:

opvulling lege gebieden Veluwe
pagus Felua (noorden) en Hintingo (zuiden)
herkolonisatie dekzandruggen vroege plaatsnamen op laagtes

 

11e - 15e eeuw:

grotendeels onbekend
toename bevolking
nederzettingen op flanken, enkele hoog (Garderen, Speuld)
ontwikkeling engen
stuwwallen extensief bos en hei ontginning broekgebieden aan randen (13e tot 15e eeuw)

 

na 15e eeuw:

stijgende bevolking -> intensivering landbouw
schapen: wolproductie
plaggenbemesting -> uitputting -> stuifzanden

                                      
 
WIM ANGENENT, DÉNES BEYER en JAN VERHAGEN  
   
   

CURSUS ARCHEOLOGISCH VELDWERK VOOR BEGINNERS

In samenwerking tussen de AWN-afdelingen 16 en 17 is in 2007 voor de zevende keer een cursus Archeologisch Veldwerk voor Beginners georganiseerd. De cursus is bedoeld voor hen die weinig of geen ervaring hebben met veldwerk. De cursus bestond uit de volgende vijf bijeenkomsten:

ALGEMENE INLEIDING
Tijdens deze avond werd ingegaan op het doel van archeologisch veldwerk. Vragen die daarbij aan de orde kwamen, waren:
Waarom kun je niet willekeurig aan de slag op een ’interessante’ plek?
Wat is een ‘interessante’ plek en hoe weet je dat?
Kun je zinvolle voorspellingen doen over de archeologische waarde van een plaats?
Zo ja, waarop let je dan?
Dus: kijken naar het landschap, maar ook documentatie bekijken, zoals geologische atlas, KLIC-atlas, bestemmingsplannen en archeologische literatuur. Ook werd ingegaan op het vervolg dat vastzit aan een vondst: determineren, tekenen, melden (via een Archis-formulier), publiceren, enz.

METEN EN TEKENEN
Hier kwamen theorie van meten en tekenen aan bod, met als doel hand- en spandiensten te kunnen verlenen tijdens een opgraving. Er werd onder andere aandacht besteed aan tekenen op schaal, het intekenen van grondsporen, het tekenen van coupes en het inmeten van hoogten.

METEN EN TEKENEN 2 (buitenactiviteit)
Het in de theoriebijeenkomst behandelde werd nu in het veld toegepast.

VELDKARTERING / LANDESAUFNAHME (buitenactiviteit)
Op twee percelen bij Groessen en Oud-Zevenaar werd een veldkartering gedaan. Inzicht werd verkregen in het wat en hoe van een prospectieonderzoek. Het eerder behandelde werd toegepast.

DETERMINATIE
Bekeken werd wat we gedurende de veldkartering vonden. Vervolgens hebben we ons gericht op een systematische verwerking van het  materiaal.

JAN VERHAGEN
 
   
   

WERKRUIMTE EN ACTIVITEITEN


VONDSTVERWERKING
Vorig jaar heb ik de taak van Anke Baljet ’Hoofd Vondstverwerking’ uit handen genomen, ter verlichting van haar overige werkzaamheden bij de AWN-17.
Anke, dank voor het reeds gedane werk en de ondersteuning die ik nog steeds van je krijg! Sindsdien is er weer zo het één en ander gebeurd. De tijd gaat snel, mede vanwege de gezellige sfeer die heerst tijdens onze bijeenkomsten op m.n. de dinsdagen aan de Nijhoffstraat.  De grote opruiming en inventarisatie van zowel de werkplaats als ons depot en het gereedschaphok is onverminderd doorgegaan. Alle vondsten zijn nu in kratten verpakt en geïnventariseerd. Een aantal projecten 
 zijn wederom voortvarend door Theo Nakken (determinatie) ter hand genomen en afgerond. Hij is tevens begonnen met het herinrichten en completeren van de gidscollecties. Ook de restauratie van sommige objecten, door de lieftallige dames Lenie Strijbosch en Bep Angenent, gaat gestaag door. Evenals het beschrijven en inventariseren van de AVK’s door Ans Meure.
Eind vorig jaar is ons een groot project, ’Kasteel Batenburg’, gegund door Stichting Gelderse Kastelen. Dit bestaat uit 28 zogenaamde ’ROB- dozen’, gevuld met vondsten die bij de restauratie van de kasteelruïne Batenburg tevoorschijn zijn gekomen. Dit materiaal is gedeeltelijk reeds eerder geïnventariseerd. De bedoeling is dat dit materiaal opnieuw wordt geïnventariseerd en beschreven. Ook is er misschien wat ’plakwerk’ te doen t.b.v. exposities. Voor dit project moest behoorlijk wat ruimte worden gecreëerd in ons toch al krap bemeten en volle depot. De inventarisatie van de vondstmaterialen van de AWN, die destijds met de verhuizing wegens ruimtegebrek in het Archeologiedepot van de Gemeente Arnhem zijn terechtgekomen, is ook ter hand genomen. Dus wie weet wat hier nog uitkomt, zoals, ’opnieuw teruggevonden’ objecten etc. Door wat te schuiven met bureaus, plaatsen van boekenplanken e.d. hebben we geprobeerd de werkplaats zo effectief mogelijk in te richten. Wat m.i. aardig gelukt is. Bijvoorbeeld heeft Hans Smulders hierdoor, voor het maken van zijn tekeningen en schetsen, een eigen werkplek gekregen.

PROJECTEN
Verwerkte vondsten/projecten afgelopen jaar waren: Schuytgraaf, Velp Jeruzalem/ Biljoen, Bennekom kerk, Zomeropgraving Groessen/LD. ’s Heerenberg/Lengel zijn opnieuw ter hand genomen
door Ilse,  o.a. voor determinatie                                                     

LAMMERT van PIJKEREN
 
   
   

VRIJWILLIGERS VAN HET ARCHEOLOGISCH DEPOT ARNHEM

Een aantal leden van onze AWN- afdeling werkt als vrijwilliger bij de Archeologische Dienst in Arnhem. Sommigen als oproepkracht bij opgravingen of kleinere projecten; anderen als vaste kracht op het Depot.
Na het vertrek van Mieke Smit naar Nijmegen is in 2007 Martijn Defilet aangesteld als gemeentelijk archeoloog, inmiddels bijgestaan door Carmen Harmsen en natuurlijk onze voorzitter Jan Verhagen.
Op een aantal vaste dagen wordt er in het Depot gewerkt aan het wassen, nummeren en determineren van binnengekomen materiaal, het inkten van veldtekeningen, het verwerken en digitaliseren van oude projecten en het bijhouden van bibliotheek en archiefmateriaal.
Ook oude Arnhemse AWN-projecten worden ter hand genomen, zodat deze op juiste wijze overgedragen kunnen worden aan het Gemeentelijk Depot.
Dit Depot is nu nog ondergebracht in een oude loods aan de van Oldenbarneveldtstraat; een nieuwe locatie wordt gezocht, mogelijk op termijn in combinatie met de werkplaats van onze AWN-afdeling.
Eens per jaar is er een vrijwilligers-uitje. Dit jaar was dat een rondleiding door Breda; een voorbereiding op de AWN-excursie.
Als afsluiting van het jaar is er een borrel met ’kerstcadeautje’ voor alle vrijwilligers, ook de gravers. Deze wordt meestal gehouden in onze AWN-werkruimte.
Dit alles geeft aan hoe goed de samenwerking van de gemeente en AWN verloopt!

ANKE BALJET-PETERS
 
   
   

LEZINGEN
De in het verslagjaar georganiseerde lezingen mochten zich in een behoorlijke belangstelling verheugen.
Er wordt niet alleen een uiteenzetting over een (in de regel actueel) archeologisch onderzoek of fenomeen gegeven, ook is er ruimschoots gelegenheid voor het stellen van vragen en voor discussie met de inleider. Bovenal wordt het verhaal visueel begeleid. Het programma wordt bekend gemaakt in de twee nieuwsbrieven, de ’Lezingenfolder’ van de afdeling en ook in het blad ’Westerheem’. Bovendien wordt de lokale pers ingeschakeld.

woensdag 10 januari
Wouter Vos:Hazenberg Archeologie Leiden/
Vrije Universiteit Amsterdam als archeoloog        
’Licht op Laurium, archeologisch
onderzoek in Romeins Woerden 
(1999-2006)’.
                                                                                    
woensdag 14 februari                                                   
R. van Beek en L.J. Keunen                                           
Wageningse Universiteit respectievelijk                             
archeoloog en historisch geograaf.                                
’Een culturele biografie van Oost-                                   
Nederland Interdisciplinair onderzoek                              
naar de landschapsgeschiedenis van                             
Salland en de Achterhoek’                                              

woensdag 14 maart
Jaarvergadering met aansluitend
de lezing door Jan Verhagen:
’De sprong voorwaarts van de    
archeologie in de 20e eeuw,
met name door nieuwe technieken’

woensdag 11 april
Drs E Heunks, RAAP oost:
’De (on)voorspelbaarheid van   
archeologische vindplaatsen’.

woensdag 9 mei
Suzanne van der A,
gemeentelijk archeoloog-                                                 
gemeente Ede:
’Archeologische rijkdom op
een kaal veldje’.

woensdag 12 september                                               
Jan-Willem de Kort, RACM.                                            
’Het kanaal van Corbulo:                                                
nieuw onderzoek en nieuwe inzichten’                              

woensdag 10 oktober
Martijn Defilet
Gemeentelijk Archeoloog te Arnhem.
’Tien jaar gemeentelijke archeologie in Arnhem.
de stand van zaken’.
                                                                                    
woensdag 14 november
Peter Schut, RACM
’de Groesbeekse aardwerken:
water voor het Nijmeegse legioen’.

 
   
   

EXPOSITIES

In 2007 werden de volgende exposities gerealiseerd:

Arnhem Stadskantoor                                     
’Glas van alle tijden’                                         
                                                                                                       
Arnhem, Zwanenstraat 8 a
’Vondsten, gedaan in de panden
Zwanestraat 8 a -10’

Arnhem, Historische kelders                              
’Permanente opstelling van vondsten’
zie ook pagina  33                                           

Bennekom Kijk- en Luistermuseum             
Kruiken in de tijd’

Bennekom, Nivon mus. de Bosbeek
’De Rijn barrière en verbinding‘

Zelhem museum ’Smedekinck’
’Permanente expositie archeologie    
van Zelhem’

Zevenaar, Gemeentehuis Zevenaar
’Vondsten uit de Burght Sevenaer’        

Zevenaar, Liemers Museum
’Vondsten uit de Liemers’

De collectie archeologie is omvangrijk en beslaat diverse periodes. De basis wordt gevormd door de collectie Tinneveld die bestaat uit voorwerpen uit de steen- en ijzertijd en een aantal voorwerpen uit later tijden. Veel van de voorwerpen zijn opgenomen in de vaste presentatie, maar een groot deel van de collectie is vooral geschikt voor studiedoeleinden en is opgeslagen in het depot. Dit materiaal is op verzoek beschikbaar voor onderzoek.
Ook veel voorwerpen uit diverse opgravingen die in de Liemers zijn verricht, zijn te vinden in de presentatie: objecten uit de Steen- Brons- en IJzertijd, Romeinse tijd, Vroege en Late Middeleeuwen en Nieuwere tijd.
Bronstijd en IJzertijd zijn vertegenwoordigd met een bronzen zwaard, lanspunten en aardewerk, waaronder grafurnen.
De Romeinen met hun legers hebben hier talrijke sporen achtergelaten, zoals een beeldje van de godin Minerva, zwaarden, een altaarsteen, bronzen vaatwerk, fibulae en haarnaalden.
In de vroege middeleeuwen werden visnetverzwaringen gemaakt uit stukken van Romeinse dakpannen.
Uit de late middeleeuwen en de nieuwe tijd kennen we vele soorten aardewerk die in de Liemers zijn opgegraven. Daarnaast voorwerpen als benen schaatsen, wapentuig, spinsteentjes en een doofpot.
Recent zijn voorwerpen uit opgravingen in Wehl en Didam (Kollenburg) in de collectie opgenomen.
Topstukken zijn naast de Romeinse altaarsteen en het bronzen beeldje van Minerva, een bronzen everzwijntje en een bronzen kan uit de Romeinse tijd, een aantal stenen bijlen uit de Steentijd, een Merovingische kan (5e eeuw) en een Hanzeschotel (11e eeuw).

ARNHEM  ’HISTORISCHE KELDERS ARNHEM’
Onder leiding van een gids kunnen zowel individuen als groepen worden rondgeleid door de Historische Kelders en kennismaken met de rijke achtergrond van deze ruimtes. Deze rondleidingen kunt u   natuurlijk ook als programma-onderdeel van uw evenement opnemen. Graag zorgen wij ervoor dat uw gasten een professionele rondleiding krijgen en kunnen
proeven van de sfeer van weleer. De Gildegidsen zijn Arnhemmers van 50  jaar en ouder die uit eigen ervaring  en met veel liefde voor de stad hun historisch verhaal doen.                        
Permanente AWN presentatie en expositie.

De rondleidingen op woensdag en vrijdagmiddag om 14.00 uur door de kelders door het Gilde duren plusminus 1 uur.

Openingstijden                                                          
woensdag t/m zaterdag 14.00-17.00 uur                       
koopzondag 14.00 -17.00 uur                                      
Buiten de openingstijden op afspraak                             

Tarief  
volwassenen € 3,50
kinderen t/m 12 jaar € 1,50
geen groepsreductie

LOOPT U EENS NAAR BINNEN!

FRANK VELDT
 
   
   

DE PERS 

De pers werd periodiek ingelicht
Regelmatig verschijnen er mededelingen in de diverse media. U vindt ons o.a in de Agenda van De Gelderlander.
Ook kondigen wij onze lezingen en openavonden aan in de Zondagskrant, Hoog en Laag, Gemeente Nieuws e.a.

ARCHEOLOGISCH ERFGOED.
Er wordt de laatste tijd veel gesproken over wat er nodig, mogelijk en wenselijk is bij het zichtbaar maken van archeologisch erfgoed. Er gaat gewoonlijk veel aandacht uit naar restanten van het verleden, zoals het laten zien van vondsten, muurresten, oude beeklopen of de indeling van het landschap.
De presentatie kan ook op andere manieren: door bijvoorbeeld het vertellen van een verhaal.
Dat nu doet Wim Schennink als maandelijkse gast in het radioprogramma de Rotonde van Radio en TV Arnhem. Op elke eerste dinsdag van de maand rond half twee vertelde hij het afgelopen jaar het verhaal van o.a. Marcus van Eindhoven, de valkenier van het Binnenhof, de grafheuvelbouwers van Apeldoorn, het jumpen op middeleeuwse muziek en de pottenbakker van het hertje dat stond afgebeeld op de Romeinse schaal.

Onze mededelingen kunnen wij ook kwijt aan de kabelkranten: ’Lokaal plus TV’ editie Arnhem, Aerdt, Babberich, Didam, Herwen, Lobith, Pannerden, Spijk, Tolkamer en Zevenaar.

WIM SCHENNINK
 
   
   

EXCURSIES

Voorjaarsexcursie naar Denekamp
Dit is weer het verslag van de afgelopen excursie. Ik heb van de excursie genoten zoals u in dit verslag zult lezen. Bij aankomst in het café in Oldenzaal hebben we met z’n allen iets gedronken.
Daarna zijn we naar de Plechelmus Basiliek gegaan. Het was daar mooi versierd. We hebben eerst door het oudste (Romaanse stijl) deel gelopen. Er waren daar hele kleine raampjes met afbeeldingen van een aantal heiligen. Toen we iets doorliepen kwamen we in de paardenhoek.
Dat heet zo omdat in een vroegere oorlog de paarden van de Engelsen daar werden gestald (als ik het goed heb onthouden). Daarna leidde onze gids ons een ruimte binnen waar de mooiste en oudste dingen van de kerk te zien waren. Een paar prachtige kandelaren, wat vaandels en een Anna ten drieën (een beeld met de moeder van Maria, Anna, Maria en Jezus). Toen we uit die ruimte kwamen, kon je mooi zien waarom dit een kruiskerk heet. Verder naar voren zagen we het koorschip maar daar konden we niet dichterbij komen. Aan de andere kant zagen we de reliekhouder waarin een botje van de schedel van Plechelmus zat. Plechelmus was een Engelsman die in de middeleeuwen naar Nederland kwam om het volk te bekeren tot het Christendom. Ook zagen we in de kelder een paar skeletten liggen.

Toen de rondleiding was afgelopen gingen we naar het Palthe-huis. Daar werden we rondgeleid. In de eerste kamer stond een complete apotheek die vroeger van een van de Palthes was geweest. Hij was ongeveer uit de 18e eeuw. Erg mooi waren de microscoop, de brillen, een prachtig medicijnkastje. Er lagen ook aderlaatmesjes en scharen.

Daarna werden we rondgeleid in de keuken die er nog heel mooi uitzag. Er was een echte voetenwarmer! De haardplaats was helemaal bedekt met allerlei tegeltjes, sommige vrij modern en anderen wat ouder. In het opkamertje bij de keuken was een prachtige verzameling kanten mutsen te zien en een originele bedstee.

In de salon waren een paar portretten van de Palthes. Ik vond ze er echt als een stelletje zuurpruimen uitzien. Voor de rest kon je vanuit de salon de bibliotheek zien. We mochten helaas niet dichterbij komen.

Na de salon gingen we naar het koetshuis waar het er ook weer mooi uitzag.
Daarna werden we rondgeleid op de zolder van het Palthe-huis. Op de zolder lagen een aantal poëziealbums en urnen uit de ijzertijd. Verderop lag een manshoog zwaard en een executiezwaard. En daar was de dwangstoel waar voormalig struikrover en moordenaar Klaas Annink, alias Hutt’nkloas, 110 dagen op vast heeft gezeten.

Hierna zijn we uit het Palthe-huis weggegaan en zijn bij de watermolen wat gaan eten.
Na het eten kregen we de keuze om of nog even bij het restaurant te blijven of de watermolen te bezichtigen. Ik ben meegegaan naar de watermolen. De watermolen stamt uit de 14e eeuw. Het was een watermolen die bedoeld was om voor de boeren uit de omtrek hout te zagen. Hij had dus een grote zaag, een cirkelzaag en een apparaat om de boomstam te verplaatsen. Allemaal aangedreven op water! Ook had hij een kraan om het graan naar de twee maalstenen te hijsen.
Toen werden we in de kelder rondgeleid. Het was echt een prachtig schouwspel. Je zag door een gat in de muur het schoepenrad draaien. En via een stang ging dat dus naar binnen en daar werd de kracht weer overgezet op een andere stang waaraan drie banden zaten. Een voor de cirkelzaag, een voor het voortbewegen van de boomstam en de laatste leidde naar een ander wiel dat door hetzelfde effect als de wielen van een stoomtrein werd omgezet in een opwaartse beweging.
Hierna zijn we allemaal naar de havezate Singraven gegaan.
We moesten eerst een tijdje wachten maar toen werden we binnengelaten.
We kregen daar een rondleiding in de mooiste kamers van de Havezate. Deze kamers waren zoveel mogelijk in de oude stijl ingericht. Ze hadden daar prachtige schilderijen zoals Hondecoeters en Witjes. Hondecoeters zijn schilderijen van pluimvee en Witjes zijn geschilderde reliëfs. 
Voor de rest waren er mooie tapijten en diorama’s en heel veel boeken.
Na de rondleiding zijn we naar Natura Docet gegaan.

Daar zijn we ook eerst wat gaan drinken in het café.
Ik zag toen een paar orthogerassen (fossielen) staan en zei dat ik ze mooi vond. De man keek me eerst verbaasd aan maar uiteindelijk zei hij: je krijgt aan het einde nog wat van me. Na het drinken bracht hij ons naar het begin van het museum waar een soort tijdlijn van fossielen te zien was. In de volgende zaal stond een vitrine met vuursteenafslagen en werktuigen van Neanderthalers. Daarna was een zaal met insecten en een zaal met een aantal stenen.
Heel leuk in die zaal was het vulkanische gesteente.
Boven was ook nog een tentoonstelling over paaseieren. In de eerste vitrine stond daar een beschilderd struisvogelei (volgens mij uit Australië).                                          
Aan het einde kreeg ik inderdaad een cadeautje van die man. Het was een afdruk van een ammoniet (inktvisachtige)! Overal zaten ook afdrukken van schelpen (als hij dat geweten had, dan had hij hem vast niet gegeven).
En nu is de dag afgelopen.
THOMAS MONS

NAJAARSEXCURSIE naar Zutphen 13 oktober 2007
Een kijkje in de keuken van de archeologen van Zutphen.

We werden ontvangen in de Kaardebol, Centrum voor duurzaamheid,milieu educatie en volkstuinen. Een bijzonder gebouw, duurzaam gebouwd, waar de archeologische dienst de half-in-de-grond uitgegraven benedenverdieping van gebruikt, met de raamkozijnen (symbolisch) op de hoogte van het maaiveld! Daar staat ook de Zutphense  was- en zeefinstallatie, waarin het water via zeefbakken en filters steeds rondgepompt wordt. Zand, klei en afval bezinken in laden langs die geleegd kunnen worden en het water wordt langdurig hergebruikt. Verder staan daar vitrines met nieuwe vondsten .Een is er voor de jeugd. Daar komen alle scherven, soort bij soort die kinderen aanbieden in terecht. Wie de jeugd heeft, die….! In één van de kantoorruimtes lagen de tekeningen, ingekleurd,heel effectvol: in een oogopslag zie je allerleidetails,  overeenkomsten, verschillen, grondsoorten enz. Daarna gaf Michel Groothedde, de stadsarcheoloog, een schets van de geschiedenis van Zutphen; gelegen op een zandrug tussen IJssel en Berkel  al 2000 jaar onafgebroken bewoning. In 882 door de Vikingen geplunderd en platgebrand, in de 11de eeuw residentie van de Duitse Keizers ( Romaanse Keizerpalts van 54 meter lang) in 1046 laat de bisschop van Utrecht, de leenheer dan, de St  Walburgiskerk bouwen. Tussen 1191 en 1196 stadsrechten gekregen van de hertog van Gelre. In de dertiende eeuw een zeer belangrijke Hanzestad (de rijkste van Gelre) met veel stenen huizen. Sinds de 15de eeuw achteruitgang. En nu: veel bouwactiviteit en dus onderzoek naar de vroegere bewoners.
Op het erf van de Kaardebol zijn twee historische boerderijen nagebouwd door ervaren bouwers en vrijwilligersleger een kleine uit de 5de eeuw, in gebruik als opslagruimte, en een grotere voor educatieve doeleinden, met boven het open haardvuur een vonkenvanger (dierenhuid )die het rieten dak moet beschermen. De lunch stond klaar in De Oude Bornhof, uit de 14de eeuw met een originele kapconstructie uit de tijd van de bouw, met duidelijk zichtbare kapmerken.
De stadswandeling leidde ons door oude straatjes en langs monumentale huizen.
De Werkgroep Bouwhistorie probeert zoveel mogelijk panden van voor de Spaanse verwoesting (1572) terug te vinden, te onderzoeken, de geschiedenis te achterhalen en de resultaten zo vast te leggen dat die voorvelen toegankelijk zijn. Het zijn rapporten met foto’s dia’s bouwtekeningen en soms reconstructies. De stichting Wijnhuisfonds verleent subsidies voor restauratie. Het project om de zonneblinden weer in de stad terug te brengen heeft ook  voor verfraaiing van de binnenstad  gezorgd. Ook de herinrichting van de binnenstad, het verwijderen van reclamebakken, het terugbrengen van winkelpuien naar de oorspronkelijke grootte, alles heeft een centrum met een historisch hart opgeleverd.
Door de samenwerking van deskundigen en leken, van beroepskrachten en vrijwilligers is er veel in Zutphen tot stand gebracht.  

Met dank aan Michel Groothedde en Constant Willemsen de organisatoren Cor Scheringa en Wim Schennink.

LEEN. KRUITHOF
 
   
   

WIJKEN VOOR KUNST.

Wat ooit begon als een klein initiatief vanuit de wijk, is uitgegroeid tot een jaarlijks terugkerend cultureel evenement bij de start van het nieuwe seizoen. De deelnemers zijn vooral kunstenaars met hun ateliers.
Maar ook dit jaar  was, op verzoek van de organisatie,  de AWN- werkplaats  op 15 en 16 september 2007 weer opengesteld en niet voor niets. De vele bezoekers aan de manifestatie Wijken Voor Kunst waren vaak zeer verbaasd en verrast in de voormalige dansacademie onze werkplaats aan te treffen. Veel lof was er voor onze prachtige vitrine en de daarin opgestelde vondsten. Lenie Strijbosch, Anke Baljet en Wim Schennink hebben die twee dagen met tientallen mensen, waaronder een aantal kinderen, gesproken.

WIM SCHENNINK
 
   
   

DE BIBLIOTHEEK VAN AWN-17

Onze bibliotheek blijkt zich elk jaar toch nog uit te breiden. We hebben zelf niet veel nieuwe boeken aangeschaft, maar door schenkingen zijn er toch weer enkele interessante exemplaren bijgekomen.
De boeken zijn voor leden en donateurs mee te nemen op basis van vertrouwen.
Boeken met rode stip worden niet meegegeven; deze zijn ten allen tijde beschikbaar voor determinatie op de werkplaats.
Toch zijn er nog steeds boeken zoek.
Voor het meegeven van boeken zullen we dus wat strenger moeten toezien wie wat meeneemt.

DE VOLGENDE BOEKEN ONTBREKEN:
Blom, Henk Burg Kakesbeck.

Dekker, Stan Leuvenheim 1629. Tentoonstelling.

Haslinghuis, dr. E.J. Bouwkundige termen. Verklarend woordenboek der westerse architectuurgeschiedenis.
1e druk / Utrecht/Antwerpen : Bohn, Scheltema & Holkema, 1986 / 521 p. / gloss. / ISBN 90-313-0545-6 / 1986

Hollestelle, dr. J. De steenbakkerij in de Nederlanden tot omstreeks 1560.
2e druk / Arnhem : Gijsbers en van Loon, 1976 / 336 p. : afb., graf. / Nederlandse Monumenten van Geschiedenis en Kunst / reg., bijl., lit.opg. / ISBN 90 6235 005 4 / 1976

Leppink, mr. G.B. Uit de geschiedenis van de Drie Gasthuizen in Arnhem.
1e druk / Arnhem : de Drie Gasthuizen, 1983 / 72 p. : foto's (zw en kl), tab., plg. / bijl. / 1983

Redactie De mens van toen.
- / Leiden : Rijksmuseum voor Volkenkunde / 39 p.: foto's (zw), afb., krt.

Redactie Overzicht van de inventarisatie van scheepswrakken in de Waddenzee bij Texel in de middeleeuwen Leven en bedrijf van de prehistorische

Schrijver, Elka Glas en Kristal.
7e druk / Lochem, Lochemdruk, 1980 / 236 p: foto's (zw en kl), tek / Unieboek BV. Bussum / paperback ; fotoverantw. / ISBN 90-228-4266-5 / 1980

Het boek van A. Markus over Arnhem is nog steeds niet boven water gekomen, maar wel hebben we inmiddels een vervangend exemplaar gekregen van Theo Nakken.

Mocht u een digitaal overzicht willen hebben van het volledige boekenbestand of wellicht een index van enkele tijdschriften die bij ons in de bibliotheek staan, dan kunt u die bij mij per mail opvragen:

NIEUWE AANWINSTEN IN 2007

Ginkel, Evert van, Sake Jager en Winand van der Sanden Hunebedden. Monumenten van een Steentijdcultuur. 2005 (1127) EH1 2.343 GINK

Schulte, A.B.C. en A.G. Schulte
De verdwenen stad. Arnhem voor de verwoesting van 1944-1945. 2004 (1128) PI7 1.811 SCHUL

Redactie
Wat potters bakten. 1975 (1129) ZZ 4.2 REDA

Bishop, A.C., A.R. Woolley en W.R. Hamilton
Elseviers stenengids. Stenen, mineralen en fossielen. 1978 (1130) YZ 4.5 BISH (Gids)

Garnett, Henry
Speurders met de spade. 1975 (1131) ZZ 0.131 GARN

Wientjes, R.C.M. en M. Smit
Het Musiskwartier. Van agrarische nederzetting tot winkelkwartier in Arnhem. 2006 (1132) ZI7 1.811 WIEN

Rimli, dr. E.Th, (red.) [et al]
Kunstgeschiedenis. Lexicon 1. 1975 (1133) ZZ 6.28 RIML Schenking Ben Clabbers

Rimli, dr. E.Th, (red.)
[et al] Kunstgeschiedenis. Lexicon 2. 1975 (1134) ZZ 6.28 RIML Schenking Ben Clabbers

Bos, J.M. (red. [et al
Gids Nederlands Openluchtmuseum Arnhem. 1982 (1135) MI7 0.3 BOS (Gids)

Erkelens, Wies
Rijksmuseum Paleis het Loo. 1979 (1136) MI6 0.3 ERKE (Gids) Schenking Ben Clabbers

Atkinson, R.J.C.
Stonehenge and Avebury and Neighbouring Monuments. 1973 (1137) BL1 0.3 ATKI (Gids) Schenking Ben Clabbers

Fokkens, Harry en Richard Jansen
Het vorstengraf van Oss. Een archeologische speurtocht naar een prehistorisch grafveld. 2004 (1138) GJ1 2.315 FOKK

Redactie
Van eigen bodem. 2003 (1139) YG 0.15 REDA

Mombers, Hub. F.J.H.
Dakpannengids. 2005 (1140) YY 4.77 MOMB (Gids)

Janssen, dr. G.B., H.F.J.H. Mombers en R.P. Stoffels
De ontwikkeling van keramische bouwmaterialen. 2004 (1141) YY 4.7 JANS (Gids)

Redactie
Ogen en oren van de Nederlandse archeologie. 2000 (1142) YG 9.522 REDA (Video)

Verhagen, Jan
G.M., R.T.A. Borman, A.M. Gerhartl-Witteveen (red.) [et al] Opgegraven verleden van Gelderland. 2007 (1143) ZI3 0.132 VERH

Willemsen, Annemarieke
Romeins speelgoed. Kindertijd in een wereldrijk. 2003 (1144) HZ 6.82 WILL

Toebosch, Theo
Grondwerk. 200 jaar archeologie in Nederland. 2003 (1145) ZG 0.13 TOEB

Potjer, Menno
Historische atlas van Arnhem. Van Schaarsbergen tot Schuytgraaf. 2005 (1146) ZI7 0.12 POTJ (Atlas)

A, S.J.H. van der
Jaarverslag Archeologie 2006. 2006 (1147) ZI3 0.11 A (Jaarverslag)

Redactie
Jaarverslag Archeologie 2001-2003. 2003 (1148) ZI3 0.11 REDA (Jaarverslag)

Redactie
Jaarverslag Archeologie 2004. 2004 (1149) ZI3 0.11 REDA (Jaarverslag)

Redactie
Verleden, heden, toekomst. Archeologiebeleid in Ede 2002. 2002 (1150) YI3 9.37 REDA (Rapport)

Redactie
Archeologienota van de gemeente Arnhem. Onzichtbaar maar niet onverschillig. 1997 (1151) YI7 9.37 REDA (Rapport)

Redactie
50 jaar Zeeuwse archeologie in Westerheem. 2007 (1152) ZJ3 0.132 REDA (CD-Rom)

Redactie
De LIMES. Een tocht langs de Romeinse Castella van Wijk bij Duurstede tot Zwammerdam. (1153) HI5 9.21 REDA (Artikel)

A.J.M. ten Hoedt
Arnhem en de Rijn; een geologisch-archeologisch onderzoek. (1077) ZI9 1.11 HOED (Artikel)

ANKE BALJET- PETERS